Maalderij de Gouden Engel is slechts 10 jaar oud, maar nu al een begrip in Koedijk en omstreken. “We malen hier tarwe, spelt, rogge en boekweit”, vertelt molenaar Vincent.

De molen werd in 2008 gebouwd met het geld uit een stichting die opgericht was in nalatenschap van Johannes Bos, de laatste telg van de voormalige molenaarsfamilie. “Koedijk heeft tot 1930 een molen gehad die een klein stukje verderop stond”, vertelt Vincent. Sinds 1847 was familie Bos de eigenaar van die molen. In 1930 werd het gebouw gesloopt omdat het bedrijf over ging op een elektrische maalinrichting. Na zijn dood besloot Bos zijn vermogen in een stichting te stoppen en van dat geld werd een nieuwe, in traditionele stijl, molen gebouwd. “De stoommaalderij en de knechtswoning zijn in ere hersteld en de rest is nieuw ontwikkeld”, legt de molenaar uit. Alles gaat op windenergie. Dat is een stuk duurzamer, maar natuurlijk minder makkelijk te plannen dan elektrisch malen. Dat, en het gebruik van traditionele maalstenen, maakt dat het eindproduct van de beste kwaliteit is die je kunt vinden - en daarom net iets duurder dan andere soorten meel.

Hij runt het bedrijf samen met zijn echtgenote Karlijn en dochter Judith. Daarnaast krijgen ze hulp van een aantal vrijwilligers die de meel en mixen, boven in de molen verpakken. Judith is banketbakker en Karlijn kok en natuurvoedingsdeskundige. Alles wat ze verkopen is biologisch, vertelt Karlijn. “Wij maken hier een veganistische lijn mixen die past in dit tijdsbeeld en tegelijkertijd erg smaakvol en hoog in voedingswaarde is omdat het van molensteen gemalen meel wordt gemaakt. Van deze lijn heeft Marqt bijvoorbeeld de bananenbroodmix in hun assortiment opgenomen.” De tarwe die Vincent maalt komt uit de Wieringermeerpolder, op zo’n drie kwartier rijden van de molen. “Het klimaat in de kop van Noord-Holland is erg goed voor onze producten. We krijgen hier in april bijvoorbeeld gemiddeld 50 zonuren meer dan in Maastricht. Dat is gewoon super voor de groei van de tarwe.” Ook zijn de lijnen maar kort, legt Karlijn uit. “We oogsten in de Wieringermeer, malen het in onze molen en vervolgens gaat het naar het distributiecentrum in Amsterdam. En we kennen onze telers. Dat is erg leuk.”